In het Bucky Lab maken bouwkundestudenten kennis met materialen en gereedschap | 20-augustus-2026 |




Ook deze zomer hebben de docenten Marcel Bilow en Nadia Remmerswaal de jaarlijkse ‘Bucky Lab-cursus’ voor studenten bouwkunde en architectuur aan de TU Delft georganiseerd. Bij de studenten is het een van de populairste, praktische werkcolleges Elk semester wordt er een thema gekozen, waarvoor de studenten in kleine groepjes een oplossing bedenken die ze daarna zelf in de vorm van een maquette bouwen. Dat gebeurt in een grote tent op het terrein van de faculteit Bouwkunde, het zogenaamde Bucky Lab. De studenten leren daardoor ook veel over bouwmaterialen, technieken en gereedschap, die ter beschikking gesteld worden door een selecte groep leveranciers, waaronder HECO-Schrauben.
Marcel Bilow en Nadia Remmerswaal, die de opleiding samen verzorgen, vinden praktische bouwkennis een belangrijk onderdeel van de opleiding. “Bouwkundestudenten die in de toekomst gebouwen ontwerpen of die verantwoordelijk zijn voor de realisatie van bouwprojecten, moeten kennis hebben van de praktische bouw”, zegt Remmerswaal. “Mijn vader is aannemer, dus ik heb in mijn jeugd veel over de uitvoerende bouw geleerd. De meeste studenten zijn echter nog nooit op een bouwplaats geweest. Wij vinden dat een architect moet weten of een constructie technisch uitvoerbaar is en een projectmanager moet op de bouwplaats met vakmensen in hun eigen taal een gesprek kunnen voeren over de technische oplossing van een probleem. Daarom zijn de hands-on praktijklessen in het Bucky Lab een belangrijk deel van de cursus.”
Liefde voor gereedschap
Ook Marcel Bilow is een man van de praktijk. Hij is de zoon van een loodgieter en opgeleid tot metselaar. Hij houdt van het ambacht, zoals dat in Duitsland met zijn gilden, hun herkenbare klederdracht en alle tradities nog steeds beleefd wordt. Daar is men trots op het vak. Bilow vindt het jammer dat de ambachtsman in ons land niet meer zo’n hoog aanzien heeft. Zelf loopt hij op de faculteit bijna altijd in een werkbroek, omdat hij daarin zijn spullen goed kwijt kan. De liefde voor gereedschap is er met de paplepel ingegoten. “Mijn vader zei altijd: ‘We hebben geen geld voor goedkope spullen.’ Daarmee bedoelde hij, dat je geen goedkoop gereedschap of slecht materiaal moet kopen. Alleen met goed materiaal en gereedschap kun je snel werken en goede kwaliteit leveren. Dat wil ik mijn studenten tijdens de praktische cursusonderdelen meegeven. Daarom werken we samen met een aantal leveranciers, die allemaal toppers op hun gebied zijn. Zij stellen hun materialen en gereedschap gratis of met een flinke korting ter beschikking en geven gastcolleges en demo’s. Soms maken we video’s over het gebruik van de producten of doen we betatests met nieuwe apparatuur.”
HECO-Schrauben
“Een mooi voorbeeld vind ik HECO-Schrauben”, zegt Bilow. “Mensen denken vaak: ‘Het zijn maar schroefjes, maar efficiencywinst en gebruiksgemak zitten vaak in kleine details. Als je schroeven met een speciaal ontwerp gebruikt, waardoor je ze gemakkelijk kunt indraaien zonder voorboren, dan bespaar je tijd. HECO heeft ook schroeven met een samentrekeffect, waardoor je materialen met slechts één handeling stevig en veilig kunt verbinden. Of kijk naar hun betonankers, die je direct in het beton kunt schroeven. Dat werkt veel sneller dan andere soorten ankers. Het voordeel is ook, dat je geen pluggen gebruikt, die kunnen smelten. Dus ook uit het oogpunt van brandveiligheid zijn ze veel veiliger. HECO heeft een nieuwe aandrijving met een eigen bitje ontwikkeld, dat nog beter in de schroefkop past en de schroef ook zonder magneet beter vasthoudt. Als een bouwvakker veel boven zijn hoofd moet werken, is dat een prachtige oplossing. Ik ben heel enthousiast over die schroeven. Ik heb ze allemaal. Voor mij is dat een soort snoepjesparadijs.”
Out-of-the-box
Voor Bilow is het vanzelfsprekend dat vaklieden - net als een formule 1 raceteam - over de beste gereedschappen en faciliteiten beschikken. “Het werk in de bouw is niet altijd gemakkelijk. Het moet steeds sneller en beter. Het is belangrijk dat bouwvakkers comfortabel en snel kunnen werken. Dat begint met warme en comfortabele werkkleding, waarin ze goed kunnen bewegen. Het gereedschap moet nauwkeurig en gemakkelijk in gebruik zijn en de materialen robuust en duurzaam.”
Samen met de sponsoren van het Bucky Lab heeft Bilow vijf rijdende containers ontwikkeld, waarin de gereedschappen en de materialen opgeborgen zijn, die tijdens de cursus in het Bucky Lab gebruikt worden. De kisten bestaan uit vakken en laden, waarin de gereedschappen en materialen overzichtelijk gepresenteerd worden. Zo is er ook een container met een HECO-box, waarin een omvangrijk deel van het HECO-schroevenassortiment ligt; keurig per model in vakjes gesorteerd. De boxen zijn niet alleen gemakkelijk, omdat de studenten alle noodzakelijk gereedschappen en materialen voor de praktische opdracht direct bij de hand hebt, maar ze bieden ook veel flexibiliteit. De karren kunnen ook op andere plekken op de faculteit ingezet worden en na afloop van de cursus worden ze de opslagruimte ingereden.
Gastcollege
Maarten Lowie, directeur van de firma Jac. Lowie & zn., de distributeur van HECO-Schrauben in Nederland, kwam in 2013 tijdens de Bouwbeurs te Utrecht in contact met Marcel Bilow. Hij was meteen enthousiast en levert sinds die tijd diverse keren per jaar gratis schroeven aan het Bucky Lab. Daarnaast geeft hij elk jaar een gastcollege over verbindingstechniek, de verschillende soorten schroeven en hun toepassingen. “Het is leuk om studenten praktische informatie over verbindingstechnieken te geven en te zien hoe ze die tijdens de opdracht in de praktijk brengen”, zegt Maarten Lowie. “En je moet niet vergeten, dat al deze studenten later zelf ook in de bouw gaan werken. We hopen dat ze dan aan onze producten terugdenken.”
Zero tolerance
De bouwkundeopleiding van de TU Delft staat internationaal zeer hoog aangeschreven. “Hier worden echte innovaties ontwikkeld”, verduidelijkt Bilow. “De studenten zijn gewild en de meesten zullen later topposities in de bouw bekleden. Zij moeten allemaal hun bijdrage leveren aan de toekomst van de bouw, want het moge duidelijk zijn, dat het allemaal anders moet. Er ontstaat schaarste aan materiaal, we moeten zuinig zijn met energie en er is een duidelijke trend om meer met biobased materialen te werken. Dat wil zeggen dat we meer moeten doen met minder grondstoffen, andere materialen en dat we energieneutraal moeten bouwen. Maar tegelijkertijd moet de kwaliteit omhoog en moeten huizen betaalbaar blijven. Dus moeten we slimmer bouwen. We ontwerpen nu gebouwen op de computer; produceren kant-en-klare componenten, die we op de bouwplaats in korte tijd in elkaar zetten. Zo kunnen we fouten op de bouwplaats voorkomen en faalkosten verminderen. Bouwproductie met zero fouten wordt de norm.”
Het is niet toevallig dat het lab genoemd is naar Richard Buckminster ‘Bucky’ Fuller. De naam is een hommage aan de ingenieur en architect, die bekend stond om zijn opvallende, maar ook praktische en duurzame oplossingen, waarvoor hij vaak verrassende constructies en technologie gebruikte. Net als de studenten tijdens de zomercursus.
« Nieuws overzicht